Door gebruik te maken van deze website of door op "Akkoord" te klikken gaat u akkoord met het gebruik van cookies op de site van Design your Wedding.
Meer informatieAkkoord

GRATIS je eigen bruiloft website! Klik hierBruiloft Hulp ?
één van de grootste trouwsites van Nederland

Trouwbelofte

Als bruidsparen ‘ja’ zeggen, na het uitspreken van de trouwbelofte, gaan zij akkoord met alle plichten die daar aan verbonden zijn; maar er zijn ook rechten.

Tijdens de huwelijksceremonie legt het aanstaand bruidspaar de trouwbelofte af. Deze wordt uitgesproken door de trouwambtenaar en beantwoordt met ‘ja’ of ‘ja ik wil’. Na het tekenen van de akte zijn zij dan definitief getrouwd.

De trouwbelofte houdt in dat er rechten en plichten zijn die in de wet zijn vastgelegd.

De plichten van een huwelijk zijn:

Onderhoudsplicht: Gehuwden zin verplicht, voor zover dat binnen hun vermogen ligt, in elkaars onderhoud te voorzien.
Vermogen en bezittingen: Alle bezittingen en schulden zijn gemeenschappelijk. Als je dat niet wil dan kun je trouwen op huwelijkse voorwaarden.
Erfenis: Voor gehuwden geldt dat zij elkaars wettelijke erfgenamen zijn.
Samenwoningsplicht: De verplichting om tijdens een huwelijk samen te wonen is in 2001 vervallen.
Pensioen: Iedereen die deelneemt in een pensioenregeling, bouwt rechten op voor een ouderdomspensioen. Daarin worden vaak ook rechten opgebouwd voor een nabestaandenpensioen. Wanneer de partner overlijdt die het pensioen heeft opgebouwd, kan de overblijvende partner pensioen ontvangen.
Verrichten van rechtshandelingen: Soms hebben echtgenoten bij het aangaan van verplichtingen of het nemen van beslissingen toestemming nodig van elkaar. Zoals bij het kopen op afbetaling of bij de verkoop van een woning die door beiden bewoond wordt.

De rechten van een huwelijk zijn:

Verschoningsrecht: Een echtgenoot kan niet worden verplicht om in een rechtszaak te getuigen tegen de andere partner.
Dit recht geldt ook voor familieleden.
Gebruik achternaam: In combinatie met of zonder hun eigen naam mogen partners elkaars achternaam gebruiken. Bij officiële stukken zoals paspoort,rijbewijs of Nederlandse identiteitskaart moet altijd de eigen achternaam gebruikt worden.